Standaard Boekhandel gebruikt cookies en gelijkaardige technologieën om de website goed te laten werken en je een betere surfervaring te bezorgen.
Hieronder kan je kiezen welke cookies je wilt inschakelen:
Technische en functionele cookies
Deze cookies zijn essentieel om de website goed te laten functioneren, en laten je toe om bijvoorbeeld in te loggen. Je kan deze cookies niet uitschakelen.
Analytische cookies
Deze cookies verzamelen anonieme informatie over het gebruik van onze website. Op die manier kunnen we de website beter afstemmen op de behoeften van de gebruikers.
Marketingcookies
Deze cookies delen je gedrag op onze website met externe partijen, zodat je op externe platformen relevantere advertenties van Standaard Boekhandel te zien krijgt.
Je kan maximaal 250 producten tegelijk aan je winkelmandje toevoegen. Verwijdere enkele producten uit je winkelmandje, of splits je bestelling op in meerdere bestellingen.
Muziek speelde een voorname rol in het maçonnieke leven van het negentiende-eeuwse Brussel. Er werden liederen geschreven, cantates gecomponeerd en er werd gezongen dat het een lieve lust was. Deze studie gaat na wat het repertoire was dat in tempels of tijdens banketten werd gezongen en gespeeld, wie erbij betrokken was en hoe deze muziek zowel voor de vrijmetselaars als voor de buitenwereld relevant was.
Historicus David Vergauwen brengt in dit boek de carrières van 365 individuen samen die in Brussel actief waren als professioneel muzikant en vrijmetselaar tijdens de negentiende eeuw. Onder hen bevonden zich enkele coryfeeën van het culturele leven, zoals Frans Van Campenhout, de auteur van de 'Brabançonne', dirigent Joseph Dupont, bezieler van de 'Concerts populaires', Karel Lodewijk Hanssens, auteur van de magistrale rouwcantate voor de koningvrijmetselaar, Leopold I, tal van conservatoriumprofessoren, solisten, dirigenten en directeurs van de Muntschouwburg en leden van de Koninklijke Academie.
Meer dan 150 maçonnieke 'chansons' werden geanalyseerd op hun maçonnieke, sociale en politieke boodschappen, waarbij ook de carrières van enkele van de bekendste Brusselse maçonnieke 'chansonniers' werden uitgediept. Er wordt aandacht geschonken aan een dozijn ontdekte partituren en er wordt ingegaan op de rol en de betekenis van muziek tijdens het maçonnieke ritueel.
Voor deze studie werd gretig gebruikgemaakt van uniek of minder ontgonnen maçonniek bronnenmateriaal, waaronder het archief van Moskou in het MADOC en de privéarchieven van de twee oudste nog actief zijnde Brusselse loges. In de zoektocht naar de betekenis van de muziek binnen de vrijmetselarij is er een bijzondere aandacht voor de rol en de positie van de maçonnieke musicus en hoe deze verankerd was in het muzikale leven van de hoofdstad. Op die manier wordt er ook ingegaan op de rol die vrijmetselarij speelde in het bredere culturele leven van de Belgische hoofdstad. Ongemeen rijk is het bronnenmateriaal - zowel maçonniek als niet-maçonniek - waarop deze studie steunt. Het geheel levert een ongewoon kleurrijk beeld op van de muzikale cultuur van de Brusselse vrijmetselarij, zowel binnen als buiten de tempelmuren.