Standaard Boekhandel gebruikt cookies en gelijkaardige technologieën om de website goed te laten werken en je een betere surfervaring te bezorgen.
Hieronder kan je kiezen welke cookies je wilt inschakelen:
Technische en functionele cookies
Deze cookies zijn essentieel om de website goed te laten functioneren, en laten je toe om bijvoorbeeld in te loggen. Je kan deze cookies niet uitschakelen.
Analytische cookies
Deze cookies verzamelen anonieme informatie over het gebruik van onze website. Op die manier kunnen we de website beter afstemmen op de behoeften van de gebruikers.
Marketingcookies
Deze cookies delen je gedrag op onze website met externe partijen, zodat je op externe platformen relevantere advertenties van Standaard Boekhandel te zien krijgt.
Je kan maximaal 250 producten tegelijk aan je winkelmandje toevoegen. Verwijdere enkele producten uit je winkelmandje, of splits je bestelling op in meerdere bestellingen.
Professor Carp heeft de beëindiging van de zijn academische loopbaan niet opgevat als een orgaan tot het dolce far niente, maar zijn werkzaamheid zelfs uitgebreid door zich in dit boek te richten tot een lezerskring die groter zal zijn dan die van de toehoorders tijdens zijn vroegere colleges. In deze studie over "de dubbelganger" heeft hij een actueel probleem aangevat: de dood als onafscheidelijke begeleider van de mens op diens levensgang. Hij behandelt het thema eerst aan de hand van literaire figuren: Gilgamesj, Goljödkine en de personen van Huis Clos. In het volgende gedeelte, over het pathopsychologische aspect, toont hij zich vooral op de vakman die uit zijn jarenlange klinische praktijk ook enige belangrijke gevallen naar voren brengt. Bij de psychobiologische behandeling van het vraagstuk verdiept de schrijver zich in de doodsdrift die aan alle levens verschijnselen inherent is. Tenslotte neemt prof. Carp bij de antropologische behandeling zijn uitgangspunt in de vermaarde tegenstelling van Klages tussen geest en ziel, waarbij ook andere moderne denkers als Freud en Sartre aan het woord komen. Bijna elk hoofdstuk draagt een motto uit Nietzsche's Zarathustra, niet omdat de auteur (die zich een "gelovig psychiater" noemt) een volgeling van deze is, maar omdat hij hem beschouwd als in de grond "een groot Godzoeker". De slotbeschouwing van het boek toont dan ook dat het de schrijver er uiteindelijk om te doen is over de diepste werkelijkheid althans een aanduidend te spreken