In 1636 schreef een arts voor het eerst een complete gezondheidsleer in gewone mensentaal. Niet in het Latijn voor andere geleerden — maar voor iedereen.
Johan van Beverwijck was de dokter die pestbuilen opensneed, niersteenpatiënten van binnenuit onderzocht en zijn eigen geneesmiddelen ontwikkelde. Hij zag dagelijks wat er misging als mensen niet begrepen hoe hun lichaam werkte. Dus schreef hij het op.
De Schat van de Gezondheid neemt je mee langs de vier lichaamsvochten, de ravage van de pest, de geheimen van de voortplanting en de gevaren van melancholie. Van Beverwijck citeert Hippocrates én Jan Huyghen van Linschoten, pleit voor geneesmiddelen van eigen bodem en hekelt de kwakzalvers van zijn tijd — niet als moraalridder, maar als pragmaticus die weet wat een verstoord lichaam aanricht.
Dichter Jacob Cats voorzag elk hoofdstuk van een gedicht. Samen maakten zij een boek dat leerboek én leesboek was — en dat nog altijd boeit.
Want de grote vragen over gezondheid, lichaam en leven zijn van alle tijden. Deze HISTORICA-editie maakt dit rijke werk opnieuw toegankelijk — in hedendaags Nederlands, zonder drempel.
HISTORICA
Grote verhalen, herontdekt.
We publiceren alleen reviews die voldoen aan de voorwaarden voor reviews. Bekijk onze voorwaarden voor reviews.